Duitsland

Aan de noordkant van de Alpen reiken de uitlopers van dit gebergte tot een flink eind in Duitsland. De bewoners van dit gebied spreken dan ook met enige trots over de “Voralpen”. Hier liggen, ingeklemd tussen Frankrijk in het westen en Zwitserland in het zuiden, twee opmerkelijke wijngebieden, n.l. Kaiserstuhl en Markgräflerland. Door hun gunstige ligging (Kaiserstuhl heeft het warmste klimaat van Duitsland en Markgräflerland profiteert van de milde invloed van de Bodensee) zijn de omstandigheden voor de wijnbouw hier ideaal. De wijnen die hier worden gemaakt, worden door kenners dan ook tot de beste van Duitsland gerekend. Beide gebieden maken deel uit van het grotere Baden, dat met een gezamenlijke oppervlakte van ca.15.500 ha aangeplante wijngaarden, het op twee na grootste wijnbouwgebied van Duitsland is.

Kaiserstuhl, dat grenst aan de Rijn, is gelegen op een oud vulkanisch gebergte. Het is vooral bekend om zijn rode wijnen, de Spätburgunders. Hiervoor wordt de uit het naburige Frankrijk bekende Pinot Noir druif gebruikt. In combinatie met het warme klimaat en vulkanische bodem levert de druif lichte elegante wijnen op met een fruitig aroma (dit in tegenstelling tot de Franse soortgenoot, die nogal eens zwaar overkomt) De beste wijnen zijn afkomstig uit het gebied rond Ihringen. Naast rode wijnen maakt men ook witte, w.o. Duitslands bekendste wijn, de Riesling.

Markgräflerland is vooral bekend om zijn witte wijnen, die veelal gemaakt worden van de uit Zwitserland afkomstige Chasselas druif, hier “Gutedel” genoemd.